Warnell | John Alfred

  • Voornamen

    John Alfred

  • Leeftijd

    25

  • Geboortedatum

    1919

  • Datum overlijden

    13-10-1944

  • Servicenummer

    5951684

  • Rang

    Corporal

  • Regiment

    Suffolk Regiment, 1st Bn.

  • Grafnummer

    II. E. 6.

John Alfred Warnell
John Alfred Warnell
graf John Alfred Warnell
graf John Alfred Warnell

Biografie

Zoon van John F. and Florence J. Warnell uit Brighton, Sussex

John Alfred (Tommy) Warnell diende bij het Suffolk Regiment, 1st Bat.
Op 12 oktober 1944 hadden de Suffolks de opdracht om de steenfabriek aan de Bossenhoekweg aan te vallen, vanaf de Oploseweg. Maar in de windmolen aan de Oploseweg had een Duitse scherpschutter zich verschanst, die vele slachtoffers maakte, waaronder bataljonscommandant Majoor Arthur Ellis, twee peletonssergeants en bijna alle oudste “non-commissioned-officers” (NCO’s), die herkenbaar waren aan hun emblemen op hun gevechtstenue. Uiteindelijk werd de scherpschutter uitgeschakeld door een luchtaanval met Typhoons.

Wat gebeurde er op 13 oktober 1944 met Tommy Warnell?
Behalve dat hij gesneuveld was op het slagveld in Nederland had zijn moeder Florence Warnell geen enkele informatie over de omstandigheden rondom zijn dood.
Ze schreef een brief naar het Suffolk Regiment en kreeg uiteindelijk pas op 18 februari 1945 onderstaande brief van Capt. Stephen Hemingway: 

1st Btl. The Suffolk Regt. 
B.L.A
18th Feb 45

Geachte heer en mevrouw Warnell,

Ik heb zojuist vernomen dat u navraag hebt gedaan naar de omstandigheden van de dood van uw zoon.  Ik vind het erg spijtig dat u hier nog niets over gehoord heeft.  Het was toen een moeilijke tijd voor ons. Ikzelf raakte diezelfde dag gewond, ongeveer een uur nadat uw zoon werd gedood en was enige tijd weg van het bataljon en het spijt me te moeten zeggen dat ik de enige officier van de compagnie ben, zoals die was toen we hier aankwamen, die nog in de compagnie is.

Het bataljon had op 12 oktober een nogal moeilijke aanval te verduren gehad en er waren verscheidene slachtoffers gevallen. Als gevolg daarvan werd het peloton van uw zoon op de avond van die dag naar voren gezonden om te helpen het voorste gebied van het bataljon gedurende de nacht en de volgende dag in handen te houden. Gelukkig hadden we de vijand zo hard getroffen dat zij ons die nacht niet veel stoorde.

Ik had het bevel over een ander peloton van de compagnie en er waren nog maar twee van onze officieren in leven, dus de volgende morgen toen onze ontbijten werden gebracht ging ik naar de voorste gelederen voor een inspectie van het Suffolk peloton en om toe te zien dat de mannen genoeg te eten kregen.

Het ontbijt liet wat op zich wachten en het zal ongeveer half tien zijn geweest, toen we daar aankwamen. De mannen kwamen één voor één binnen voor hun ontbijt en gingen terug naar hun posities, die vlakbij een steenfabriek waren.

Terwijl sommigen hun ontbijt nog niet hadden gehad, liepen enkele anderen, waaronder uw zoon en ik, terug naar hun posities, toen we plotseling werden beschoten. Het duurde maar een paar minuten, maar de granaten kwamen snel over en landden letterlijk óveral om ons heen. De granaatscherven doorboorden zelfs onze theekan met gaten. Ik dook snel in een loopgraaf en bleef daar liggen tot het voorbij was. Toen ik eruit kwam, vond ik je zoon dicht bij me. Hij was in zijn achterhoofd geraakt door een granaatscherf en moet op slag dood zijn geweest. Ik ga ervanuit dat een van de eerste granaten hem raakte en ik denk niet dat hij tijd had om in de loopgraaf te springen, voordat hij geraakt werd.

We konden niets anders voor hem doen dan hem eerbiedig begraven, wat we ook deden.

De naam van de plaats waar hij gedood werd is OVERLOON. Het ligt in de buurt van het stadje Venray in het zuidoosten van Nederland.

Ik weet dat ik niets kan zeggen om de pijn van het afscheid te verzachten.  U zult het zich al wel gerealiseerd hebben. Uw zoon deed het hier heel goed en was een goed soldaat en N.C.O. blijkend uit het feit dat hij een promotie kreeg. Natuurlijk miste zijn eigen peloton hem heel erg. Ze waren lang genoeg bij elkaar geweest om behoorlijk aan elkaar gehecht te zijn, en hoewel ik nooit het voorrecht heb gehad zijn peloton persoonlijk te commanderen, moet ik uiteindelijk toegeven dat dit het beste peloton van het bataljon was. Uw zoon behoorde tot een aantal soldaten op wie altijd kon worden gerekend, die met een goed moraal hun werk deden, wat er ook gebeurde. We zouden meer mannen zoals hij kunnen gebruiken. 

Mag ik tot slot nog iets persoonlijks zeggen?  Ik ben nu twee en een half jaar bij ons bataljon en ik heb velen van hen zien sneuvelen en verwonden. Telkens als dat gebeurt, denk ik aan God. Ik ben er zeker van dat de dood niet het einde is. In feite geloof ik dat dit het begin is en het lijkt mij dat als de geest van een man zijn lichaam verlaat, hij dichter bij God komt en dichter bij een geluk dat groter en fijner is dan iemand van ons ooit heeft gekend. 

Mijn broer werd bijna vier jaar geleden gedood en verscheidene van mijn vrienden (officieren en manschappen) zijn verloren gegaan en ondanks het heengaan heb ik mij daarover gelukkig kunnen voelen, omdat ik weet dat alles nu goed met hen is en dat wij hen niet moeten willen tegenhouden.

Als ik ooit iets voor je kan doen of je iets kan vertellen dat je kan helpen, aarzel dan niet om te schrijven. 

Geloof me.

Met vriendelijke groeten,

Stephen Hemingway (Cpr) 

John Alfred (Tommy) Warnell werd begraven op het tijdelijke kerkhof nabij Th.J. Janssen aan de Baansestraat in Overloon. In 1947 werd hij herbegraven op Overloon War Cemetery.

Bronnen en credits

Bronnen:
Bill and Leigh Gilbert from Burnham, Buckinghamshire

“Fighting through to Hitler’s Germany” by Mark Forsdike 

Leo Janssen 

volg ons op

e-mail: overloonwarchronicles@gmail.com
correspondentieadres:
Holthesedijk 2 a, 5825JG Overloon

Kvk nummer: 83346422
Banknummer: NL04 RBRB 8835 3869 69
t.n.v. Stichting Overloon War Chronicles

©2021 Overloon War Chronicles