Skip to main content

Almey| Nathaniel Harry

  • Voornamen

    Nathaniel Harry

  • Leeftijd

    19

  • Geboortedatum

    23-02-1925

  • Datum overlijden

    14-10-1944

  • Servicenummer

    14647737

  • Rang

    Private

  • Regiment

    Royal Warwickshire Regiment, 2nd Bn.

  • Grafnummer

    III. D. 8.

Nathaniel Almey
Nathaniel Almey
Graf Nathaniel Harry Almey
Graf Nathaniel Harry Almey

Biografie

Nathaniel Harry Almey (dienstnummer 14647737) sneuvelde op 14 oktober 1944 op slechts 19-jarige leeftijd. Op het moment van zijn dood was hij soldaat in het Royal Warwickshire Regiment, 2nd Bn. Hij werd aanvankelijk begraven in het Maria Reginaklooster in Stevenbeek en op 22 Mei 1945 herbegraven op de oorlogsbegraafplaats van het Gemenebest in Overloon. De inscriptie op zijn graf luidt: “One of the best, This world could give, Always willing, always kind”

Familieachtergrond

Nathaniel wordt geboren op 23 februari 1925 in Barrow Upon Soar, Leicestershire, in England. Zijn ouders waren Nathaniel Almey (1866-1938) en Letta Emma Almey (geboren  Ward) (1985-1978). Hij had twee broers en een zus: Peter Derrick (1929-1936), Natalie Almey (1923-1927) en Brian Ward Almey (1927-2014). 
Zowel zijn zusje Natalie als zijn broertje Peter Derrick stierven jong.

Uit het eerste huwelijk van zijn vader had Nathaniel ook nog 3 halfzussen. Dit waren Edith Annie Almey (1892-), Alice Maud Almey (1893-) en Clara Elizabeth Almey(1894-).

Zijn vader was een zeer gerespecteerd politierechercheur bij de Loughbourough Division Police Force en beroemd voormalig cricketer bij de Leicestershire Cricket Club.
Nathaniel kwam uit een familie met een rijke militaire geschiedenis.

Zijn vader diende tijdens de Boer War in Zuid-Afrika met de Coldstream Guards. De Boerenoorlog was een periode van twee oorlogen tussen 1880 en 1902, gevochten in Zuid-Afrika tussen de Boeren (Afrikaners) en het Britse Rijk.

Slag om Waterloo

Zijn grootvader, eveneens Nathaniel Almey diende met 2 neven Samuel en George Almey, alle drie uit Earl Shilton in G Troop, Royal Horse Artillery onder kapitein Mercer tijdens de Slag bij Waterloo  die plaats vond op 18 juli 1815. In hun gezelschap waren eveneens uit Earl Shilton de broers Thomas en George Chapman en daarnaast Jacques Raven.
De strijd werd gevoerd tussen het Franse leger van Napoleon en de Zevende Coalitie, een geallieerd leger dat onder meer bestond uit Britse troepen onder leiding van de hertog van Wellington. In deze slag werd Napoleon verslagen en kwam er een einde aan zijn heerschappij over het Franse keizerrijk.

De mannen uit Earl Shilton bedienden de kanonnen van de eenheid tijdens de zwaarste gevechten en vuurden op oprukkende Franse cavalerie en infanterie. Ze waren zeer goed getraind, buitengewoon moedig en hadden veel geluk. Bij Waterloo had een Britse soldaat bijna een kans van één op twee om gedood of ernstig gewond te raken. Van de zes mannen uit Earl Shilton raakte alleen Samuel Almey ernstig gewond maar overleefde de slag net als Nathaniel en George en de andere drie. Alle zes de kameraden ontvingen de Waterloo-medaille Roll 1815.

In Earl Shilton werd in 2016 een memorial opgericht ter ere van hun helden.  

Militaire carrière

Het is op dit moment niet bekend wanneer Nathaniel zich  aanmeldde bij het Royal Warwickshire Regiment 2nd Bn. maar dat zal gezien zijn leeftijd ergens gedurende de eerste jaren van de Tweede Wereldoorlog zijn geweest. 

Het 2nd Battalion, Royal Warwickshire Regiment maakte aan het begin van de oorlog deel uit van de British Expeditionary Force en nam deel aan de Slag om Frankrijk, waarbij overlevenden in juni 1940 uit Duinkerken werden geëvacueerd. Na Duinkerken verhuisde het bataljon naar Somerset om een mogelijke Duitse invasie tegen te gaan, maar begin december werd het overgeplaatst naar Londen en werd het, in tegenstelling tot de rest van het leger, niet ingezet voor strandverdedigingstaken.

In september 1942 werd het overgeplaatst naar de 185e Infanterie Brigade die vervolgens werd opgenomen in de 3e Infanterie Divisie die op D-Day landde op 6 juni 1944 met de eerste aanval op de Normandische stranden. Het regiment vocht vanaf de Slag om Caen en de uitbraak uit Normandië tot aan de oversteek van de Rijn. Vanaf D-Day tot aan het einde van de oorlog sneuvelden 286 officieren en manschappen van het 2nd Battalion, Royal Warwickshire Regiment in de strijd, terwijl nog eens bijna 1000 mannen in alle rangen gewond raakten, vermist werden of leden aan uitputting.

Het bataljon kwam op 22 september 1944 Nederland binnen bij Asten. Dit is ten oosten van Eindhoven. Op 1 oktober trokken ze in een regenbui noordoostwaarts naar Malden dat tussen Nijmegen en de Maas ligt. In dat stadium was het plan dat de Amerikaanse 7de Pantserdivisie zuidoostwaarts zou trekken via Overloon en Venraij naar de westelijke oever van de Maas tegenover Venlo, terwijl Britse troepen, waaronder de 3de Divisie, oostwaarts zouden trekken, over de Duitse grens, en het bosgebied bekend als het Reichswald zouden veroveren, van waaruit de Duitsers tegenaanvallen hadden gelanceerd.

Op 9 oktober veranderde het plan echter. Een poging van de Amerikaanse 7de Pantserdivisie om Overloon en Venraij in te nemen had veel mannen en tanks verloren zonder veel vooruitgang te boeken. Veldmaarschalk Montgomery besloot dat hij de aanval op Reichswald moest uitstellen. Hij moest de Scheldemonding vrijmaken om de broodnodige havenfaciliteiten van Antwerpen te ontsluiten en de mindere, maar ook essentiële taak om de Duitse troepen ten westen van de Maas uit te schakelen. Dit laatste doel werd toevertrouwd aan 8 Corps, inclusief de 3de Divisie. De 3de Divisie moest aanvallen in zuidoostelijke richting naar Venraij, in de hoop vijandelijke troepen af te leiden terwijl drie andere divisies zich voorbereidden om oostwaarts naar Venlo op te rukken.

Het bataljon werd daarom zuidwaarts omgeleid en op 12 oktober waren ze bij Wanroy, een dorp ten zuiden van de Maas en net ten noorden van Overloon. Ze namen het over van de 8ste Infanterie Brigade die er die dag in slaagde Overloon te veroveren, maar niet in staat was door de bossen ten zuiden ervan verder te komen.

Sgt. George W A Davis gaf later een levendige beschrijving van de omstandigheden die zouden komen: “De laatste goede, lange slaap die we hadden was ongeveer op 10 of 11 oktober. Onze kleren waren smerig, we waren bijna uitgeput door gebrek aan voedsel en slaap. Het was erg koud en het regende en sneeuwde de hele tijd, dus we waren allemaal nat. Er waren overal granaten, mortierbommen, machinegeweren, Moaning Minnies, raketten en Duitse sluipschutters.”

De volgende dag verplaatste het bataljon zich naar een positie op slechts 500 yds ten noordwesten van Overloon met als doel, samen met het 2e bataljon van de King’s Shropshire Light Infantry, deze bossen vrij te maken zodat het 1e Norfolk Bataljon er doorheen kon en op kon rukken naar Venray. Het bataljon bereikte zijn doel, maar ze kwamen onder zwaar vuur te liggen van vijandelijke mortieren, artillerie en handvuurwapens en ook van twee tanks toen ze het open terrein ten zuiden van het bos bereikten en het langer geduurd had dan verwacht om het bos vrij te maken. Tegen de tijd dat het doel bereikt was, was het al zo laat dat besloten werd om het 1ste Norfolk Bataljon pas de volgende dag door te laten stoten. De Warwickshires groeven zich in aan de zuidelijke rand van het bos.

De volgende dag was 14 oktober, de dag waarop Nathaniel helaas gedood werd. De 1st Norfolks gingen bij het eerste licht door met de opmars en trokken door het Warwickshire bataljon langs de hoofdweg, terwijl de 9th Infantry Brigade de bossen naar het westen aanviel. Ze stuitten gedurende de dag op zware tegenstand en kregen te maken met moerassige grond, maar tegen 18.00 uur hadden de 1st Norfolks de hoge grond ten noorden van de Molenbeek veiliggesteld en de 9th Infantry vestigde zich in het noordelijke deel van het bos. Het 2de Bataljon van de Warwickshires kreeg toen het bevel om op te rukken en het terrein tussen de 1ste Norfolks en de 9de Brigade veilig te stellen. B en D compagnieën voerden deze taak uit en groeven zich tegen het vallen van de avond in aan de rechterkant van de Norfolks met uitzicht op de Molenbeek, terwijl A en C compagnieën en het bataljonshoofdkwartier op hun oorspronkelijke posities bleven. Het was op deze dag dat Nathaniel Harry Almey sneuvelde en met hem ook nog 4 andere kameraden uit hetzelfde regiment en raakten 15 kameraden gewond.

De kameraden die omkwamen die dag waren Joseph Hopson, James Perks, Roland Archibald Peen en Christopher Bailey

Nathaniel Almey
Nathaniel Almey
War memorial in Barrow-upon-Soar
War memorial in Barrow-upon-Soar
War memorial detail Barrow-upon-Soar
War memorial detail Barrow-upon-Soar
Leicester Evening Mail June 1938 about Nathaniel Almey Sr
Leicester Evening Mail June 1938 about Nathaniel Almey Sr
Obituary for Nathaniel Almey Sr
Obituary for Nathaniel Almey Sr
Waterloo War Memorial Earl Shilton
Waterloo War Memorial Earl Shilton

Bronnen en credits

Ancestry Burgerlijke en parochiële geboorte-, huwelijks- en overlijdensregisters; Stambomen. 
Foto Waterloo War Memorial War Memorials Online
Wikipedia over Boer War
Paul Seaton voor zijn eerdere hulp en zijn onderzoek naar de familie Almey

Foto’s ontvangen van James  Nathaniel Almey, zoon van de broer van Nathaniel, Brian Ward Almey.

Deze biografie is samengesteld door onze stichting op basis van eigen onderzoek en verhalen van andere militairen die dienden in hetzelfde regiment of deelnamen aan dezelfde strijd op die dag. Hierbij is deels gebruikgemaakt van collectief werk binnen de stichting.

Research Anny Huberts

volg ons op

e-mail: overloonwarchronicles@gmail.com
correspondentieadres:
Holthesedijk 2 a, 5825JG Overloon

Kvk nummer: 83346422
Banknummer: NL04 RBRB 8835 3869 69
t.n.v. Stichting Overloon War Chronicles
BIC / SWIFT code  RBRBNL21

©2021 Overloon War Chronicles